Betekenis van:
scheren

scheren
Werkwoord
  • haar afsnijden
"je baard scheren"
"zich scheren"

Hyperoniemen

Hyponiemen

scheren
Werkwoord
  • snel langs iets gaan
"rakelings over [het water/de huizen/...] scheren"
"rakelings langs [een auto] scheren"

Hyperoniemen

scheren
Werkwoord
  • met een schaar of mes de huid van haar ontdoen
"Hij schoor de schapen en verzamelde de wol."
scheren
Werkwoord
  • rakelings over een oppervlak bewegen
"De zwaluwen scheerden over het water van het meertje."
scheren
Werkwoord
  • ''zich ~'': zich de baard kort afsnijden

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Ik moet mij scheren voor mijn vertrek.
  2. Vader is zich aan het scheren in de badkamer.
  3. Scheermiddelen en middelen die voor of na het scheren worden gebruikt
  4. Scheermiddelen en middelen die voor of na het scheren worden gebruikt
  5. scheermiddelen en middelen die voor of na het scheren worden gebruikt
  6. producten verkregen door het scheren van levende dieren in het kader van het goedgekeurde beheersprogramma, voor zover van een passend merkteken voorzien en geregistreerd;
  7. Landbouwhuisdieren kunnen te lijden hebben van hittestress en daarom is het belangrijk om met het oog op perioden van hoge temperaturen in passende maatregelen te voorzien (bv. de schapen scheren, zorgen voor een beschaduwde ligplaats, enz.) zodat het welzijn van de dieren niet in het gedrang komt.
  8. producten verkregen door het scheren van levende dieren in het kader van het goedgekeurde beheerprogramma, voorzover van een passend merkteken voorzien en geregistreerd; de niet-commerciële uitvoer van beperkte hoeveelheden wol voor industriële beproeving, tot een jaarlijks maximum van 500 kg.